• Picturalisme
  • Fauvisme
  • Abstract

Hoe kun je te werk gaan bij deze opdracht?

  • Kies je favoriete stijl uit de drie bovenstaande stijlen
  • Doe wat verdere achtergrond research over de gekozen stijl.
  • Je kunt bijvoorbeeld een schilderij uit die stijl als inspiratie kiezen voor de te nemen foto.
  • Bedenk vooraf hoe je de foto in elkaar zou willen steken om jouw gekozen stijl het beste voor het voetlicht te brengen.
  • Ga op pad en kom thuis met in ieder geval één goede foto in jouw stijl
  • Probeer eventueel iets in de nabewerking te doen om het effect te versterken

Picturalisme
De eerste Fotografen in de 19e eeuw probeerden hun onderwerpen zo vast te leggen dat ze de werkelijkheid zo getrouw mogelijk weergaven. Na enige tijd ontwikkelde dit zich tot de stroming van het picturalisme, waarbij nog steeds van de werkelijkheid als onderwerpkeuze werd uitgegaan maar waar sfeer een belangrijk element van het te maken beeld vormde.
Picturalisten wilden vooral proberen om het lichtgebruik en andere kenmerken van schilderijen over te brengen in hun foto’s. Foto’s uit het picturalisme zijn zwart-wit en met een onscherp of wazig beeld, hetgeen vaak een impressionistisch effect geeft. Om zo’n effect te bereiken werden onder andere soft focus, speciale filters en speciale lenzen gebruikt. Ook manipulatie in de doka werd veelvuldig toegepast. Vanaf 1898 deed fotopapier met een ruw oppervlak zijn intrede als hulpmiddel in het picturalisme.
De Encyclopaedia Britannica uit 1911 omschreef dit als “het bereiken van persoonlijke artistieke impressie”.
Voorbeelden van vroege pictorialisten die de werkelijkheid documenteerden, manipuleerden of choreografeerden zijn Robert Demachy en Julia Margaret Cameron. Andere pictorialisten waren Anne Brigman, Clarence Hudson White, en Léonard Misonne.

Fauvisme
De zgn. Fauvisten van de schilderkunst hadden de regel verlaten dat je de kleuren in je schilderij zo kiest dat ze dienen om een natuurgetrouwe weergave van de werkelijkheid te zijn. Ze kozen vaak sterke contrasterende kleuren die een sfeer of boodschap overbrachten. Voorbeelden van fauvisten in de schilderkunst zijn Kees van Dongen, Georges Braque, Leo Gestel, Ettiene Terrus, Andre Derain. We spreken hier over de periode aan het begin van de twintigste eeuw.
In de fauvistische oplossing werden de kleuren als autonoom beeldbepalend element gebruikt. De compositie moet het vaak hebben van de gespannen verhoudingen tussen de vlakmatig opgebrachte kleuren. Hierbij gaat het om het vrije spel van de kleuren en de tweedimensionale aard van het doek.
Denk daarbij aan een keuze voor complementaire kleuren die elkaar versterken of juist de kleuren die naast elkaar liggen op de kleurencirkel. Hieronder staat de kleurencirkel van Johannes Itten, een proponent van de Bauhaus, die deze kleurencirkel als onderdeel van zijn kleurenleer introduceerde in het begin van de 20e eeuw.

Abstracte kunst
De eerste abstracte kunst koos niet het onderwerp als belangrijkste uitdrukkingsvorm voor de creatie van de artiest, maar koos voor het lijnenspel of vlakverdeling in het kunstwerk als methode van expressie.
Kandinsky was in 1913 de eerste kunstenaar die zo’n abstract kunstwerk maakte. Maar ook bekend zijn Matisse – na zijn fauvistische periode – en Picasso die de lijn kozen als uitdrukkingsvorm en elkaar wederzijds beïnvloedde.
Bij de fotografie kun je bijvoorbeeld denken aan architectuurfotografie waar je te maken hebt met lijnen. Je kunt Hierbij ook bijvoorbeeld aan de gang gaan met hoe het perspectief werkt en de beperkingen van de objectieven en de sensor om lijnen weer te geven in het twee dimensionele vlak die het 3-dimensionale vlak weer geven.

Pin It on Pinterest